![]() |
|
| |||||
|
Sommige organisaties hebben dat niet, voor hen zijn de onderstaande tips. Wees in ieder geval heel 'SMART' (Specifiek, Meetbaar, Achievable d.w.z. haalbaar, Realistisch en tijdgebonden) in het verwoorden van het voorstel. Wat moet er in staan?
1. Titelpagina PROJECTEN Contactpersoon en/of schrijver van het voorstel met adresgegevens 4. Introductie Wie is de aanvrager in Nederland, wat is de doelstelling van deze organisatie, wat is de ervaring in het betreffende werkgebied en met het betreffende probleem. Wie is de lokale partner, wat is de doelstelling van deze organisatie, wat is zijn ervaring ter plaatse en wat is er tot nu toe bereikt? 5. Achtergrondinformatie over de situatie ter plekke Beschrijving van het land of de regio waar het project uitgevoerd gaat worden, sociaaleconomisch, politiek en cultureel. Geef gegevens over bevolkingsaantallen, infrastructuur, gezondheidszorg, levensverwachting etc. Wees daarin specifiek noem percentages, aantallen. Lever indien mogelijk een kaartje bij om aan te geven waar regio/plaats ligt waar het project wordt uitgevoerd. 6. Beschrijving van het probleem en de oplossing Ook hier helder en meetbaar de problemen ter plaatse benoemen. Benoem iedereen die betrokken is bij het probleem en wat hun belangen zijn in het probleem en de oplossing ervan. In plaats van ,veel analfabeten" zegt u dan dat bijvoorbeeld in de leeftijd van 15 tot 20 jaar 30 procent niet kan lezen of schrijven. In plaats van, hoge kindersterfte" vertelt u hoeveel kinderen per 1000 levendgeborenen overlijden voor het eerste levensjaar. 7. Beschrijf de voorgenomen acties en wat het verwachte resultaat hiervan is. Vertel wat u wilt bereiken, wat is de algemene doelstelling en wat zijn vervolgens de meer concrete doelen die specifiek, meetbaar, aanwijsbaar, realistisch en tijd gerelateerd zijn. Noem wie de eerste doelgroep is en welke andere groepen er eventueel ook van profiteren. Vertel ook wat de doelgroep na afloop van het project doet met de resultaten van het project en in hoeverre de lokale gemeenschap versterkt wordt door het project. U vertelt welke concrete acties u gaat ondernemen om die doelstellingen en het algemene doel te bereiken. In dit hoofdstuk vertelt u dus precies wat er op het project gebeurt (wat, hoe, wanneer, met welke middelen). U vertelt ook wie ervan gaan profiteren. Wees helder, noem getallen, zorg dat het meetbaar is. Zorg dat de gevraagde gelden en het aantal mensen dat ervan profiteert in een goede verhouding staan. Gaat het om een groot project, dan aangeven hoe het plan gefaseerd wordt uitgevoerd en hoe, wanneer en door wie er tussentijds wordt geëvalueerd. Hierbij is het verstandig om een schematisch tijdpad op te stellen en een duidelijk activiteitenschema. 8. Vertel in hoeverre er samenhang is met andere projecten in de regio, hoe er eventueel samengewerkt wordt met de overheid, met lokale organisaties, kerken. 9. Vertel hoe het project voortgang krijgt. Stel u vraagt geld voor de bouw van een school, hoe worden het onderhoud en de gebruikskosten van het gebouw vervolgens betaald, wie geven er les, van wie ontvangen die geld? De inrichting, waar komt dat geld vandaan, hoe betaalt u of de lokale partner straks de waterrekening en de elektriciteit? Hoe houdt u de auto op de weg (brandstof, onderhoud, verzekeringskosten etc.)? Is het project ook in de toekomst afhankelijk van buitenlandse donoren of kan het (indien nodig) zelfstandig doorgaan. Let op: als u gaat bouwen, hebt u daarvoor de nodige vergunningen? 10. Vertel hoe er wordt geëvalueerd gedurende het project en na afloop van het project. Hoe gaat u meten wat het succes is van het project? Hoe wordt de doelgroep daar eventueel bij betrokken? Wie verantwoordt aan wie en hoe vaak gebeurt dat? Hoe wordt gerapporteerd? Kortom, hoe weet u na afloop van het project of de doelstellingen gehaald zijn of niet. 11. Wat zijn eventuele risico's gedurende de looptijd van het project en daarna? Waardoor kan het gedurende het project misgaan. Maak zelf een inschatting van de mogelijke risico's en hoe de organisatie daarop inspeelt. 12. Kosten: lever een gedetailleerde projectbegroting op jaarbasis aan (Excel). Werk zo precies mogelijk de uitvoeringskosten uit (zowel in de lokale valuta als in Euro's, vermeld de wisselkoers die u gebruikt). Maak onderscheid tussen directe kosten en indirecte kosten (boekhouding, secretariaat). Begroot alle kosten en laat zien wat er aan eigen bijdragen binnenkomt en aan bijdragen van andere sponsors (en voor welk deel van het project die gelden bestemd zijn). Voeg als bijlage het gecontroleerde financieel jaarverslag van het afgelopen jaar bij van de organisatie en de lokale partner. 13. Bijlagen: het is belangrijk om als bijlage zoveel mogelijk stukken mee te leveren: statuten van de lokale partner, bewijs van inschrijving als NGO, officiële (jaar) verslagen, financiële verslagen. Neem snel het abonnement en profiteer van de subsidies van diverse sponsors. Ga verder door inlogen: Inloggen in de subsidiewijzer | |||||
|
| Subsidiewereld | E-mail: info@subsidyworld.com | Powerd by Stichting Samen in Actie | |
|||||